Aantal bezoekers vandaag: 2838
En toen werd 't toch nog leuk. Na uren van safety cars, pauzeren en
getreuzel barstte het spektakel alsnog los. Door nog een paar safety
cars viel de zo veelbelovende optelsom van Canada en regen eerst een beetje tegen, maar de eindfase was geheel in stijl van het
seizoen - en toch ook weer niet. Zonder de safety cars was hij er nooit
gekomen, maar de overwinning van Jenson Button bleef wonderbaarlijk, ook
nadat je de wedstrijd een tijdje op je had laten inwerken.Met alle rondes achter de safety car bleven er niet eens zo veel ronden over waarin vol werd geracet, maar die waren wel nagelbijtend spannend. Michael Schumacher schitterde in wisselende omstandigheden als vanouds en had een podiumplaats verdiend, Mark Webber kwam vanuit het achterveld terug, talloze kanshebbers verspeelden de mogelijkheid om dikke punten te scoren: van Felipe Massa tot Nick Heidfeld en Paul di Resta.
Het verhaal van het seizoen bleef desondanks overeind: hoe chaotisch de GP ook is, één man blijft er volkomen koel onder. Ook in Canada. Keer op keer reed Sebastian Vettel weg bij het veld nadat de safety car weer eens het veld had geruimd. En ook de laatste keer dat de Mercedes SLS de pitstraat inreed, ging de kampioen er als een haas vandoor, onder het motto 'Jullie mogen er een potje van maken, ik ga er gewoon weer eentje winnen'.
Vettel is ook maar een mens...
Eén andere man wilde er niets van weten. Jenson Button - zes keer in de pits - speelde een magistrale hoofdrol in een waanzinnige race die hij niet gauw zal vergeten. Hij kwam in aanraking met zijn nog altijd impulsieve teamgenoot Lewis Hamilton (die daardoor werd uitgeschakeld), reed na een drivethrough voor te snel rijden tijdens een safety-car-fase op een gegeven moment zowat laatste, ruim achter de HRT's, tikte Fernando Alonso uit de wedstrijd en leek soms te snel van banden te hebben gewisseld. Maar wat hij daarna liet zien, kon geen enkele scenarioschrijver bedenken. Geholpen door diverse safety cars kon hij opschuiven naar de kop van de wedstrijd, maar in de laatste fase was er dan ook niemand sneller dan de briljant rijdende Brit.
Terwijl de klok naar de twee uur racetijd tikte, zat iedereen op het puntje van zijn stoel. Zou Button het gaan halen? Toen hij eenmaal Schumacher en Webber was gepasseerd (en Webber ook nog eens dankzij enorm reactievermogen), vloog hij werkelijk over de baan. De DRS-zone was de scherprechter bij Buttons inhaalactie op Schumacher en daarom was het vooral de vraag of hij in de voorlaatste of laatste ronde binnen de seconde van Vettel zou zijn. Uiteindelijk gaf DRS niet rechtstreeks de doorslag, maar de druk om de afstand naar Button op meer dan één tel te houden, werd de Duitser op het allerlaatst toch te veel. Hij gleed weg in het eerste deel van de laatste ronde en, floep, Button was erlangs. Na zo'n gecontroleerde race liet Vettel zien dat hij toch ook maar een mens is...
Wat een finish!
Toch heeft de kampioenschapsleider weinig om over te klagen. Met zijn tweede plaats loopt hij toch nog uit op zijn naaste concurrenten Hamilton en Webber. Button daarentegen springt nu over die twee heen en is nu Vettels belangrijkste uitdager, ook al ligt hij nog steeds 60 punten achter.
De conclusie vier uur nadat de race van start ging: weglopen bij de buis is tegenwoordig écht onmogelijk, zelfs
als de wedstrijdleiding te veel voor veiligheid kiest. Het besluit om achter de safety car te starten, was al jammer, het eindeloze aantal ronden achter de Merc van Bernd Mayländer na de herstart was net zo overdreven. Toen die eindelijk het veld ruimde, waren veel coureurs al klaar om naar intermediates te wisselen. Maar zelfs die veilige keuze kon niet voorkomen dat de Canadese GP van 2011 de geschiedenis ingaat als een race met een van de beste slotfases in de geschiedenis van het WK.
GP Canada, Montreal, 12 juni 20111 - Jenson Button (McLaren-Mercedes MP4-26) – 70 ronden
2 - Sebastian Vettel (Red Bull-Renault RB7) 2”7
3 - Mark Webber (Red Bull-Renault RB7) – 13”8
4 - Michael Schumacher (Mercedes W02) – 14”2
5 - Vitaly Petrov (Renault R31) 20”3
6 - Felipe Massa (Ferrari 150 Italia) – 33”2
7 - Kamui Kobayashi (Sauber-Ferrari C30) 33”2
8 - Jaime Alguersuari (Toro Rosso-Ferrari STR6) - 35”9
9 - Rubens Barrichello (Williams-Cosworth FW33) – 45”1
10 - Sebastien Buemi (Toro Rosso-Ferrari STR6) - 47”0
11 - Nico Rosberg (Mercedes MGP W02) – 50”4
12 – Pedro de la Rosa (Sauber-Ferrari C30) - 1'03"6
13 - Vitantonio Liuzzi (HRT-Cosworth F111) – 1 ronde
14 - Narain Karthikeyan (HRT-Cosworth F111) - 1 ronde
15 - Jerome D'Ambrosio (Virgin-Cosworth MVR-02) – 1 ronde
16 - Timo Glock (Virgin-Cosworth MVR-02) – 1 ronde
17 - Jarno Trulli (Lotus-Renault T128) – 1 ronde
Snelste ronde: Jenson Button, 1’16”956
Uitgevallen67e ronde - Paul Di Resta (Force India-Mercedes VJM04)
61e ronde - Pastor Maldonado (Williams-Cosworth FW33)
55e ronde - Nick Heidfeld (Renault R31)
49e ronde - Adrian Sutil (Force India-Mercedes VJM04)
46e ronde - Fernando Alonso (Ferrari 150 Italia)
28e ronde - Heikki Kovalainen (Lotus-Renault T128)
7e ronde - Lewis Hamilton (McLaren-Mercedes MP4-26)