Aantal bezoekers vandaag: 2866
De BMW 323i vind ik al een jaar of dertig mooi. Nog nooit had ik er echter zelf een noemenswaardige afstand mee gereden. Tot ik een dagje met het exemplaar van Marco Hof op pad ging.
BMW introduceerde de 3 Serie in 1975. De reacties waren niet onverdeeld positief. Vergeleken met zijn voorganger, de 02-serie, was de nieuweling zwaarder en minder sportief. Door de oliecrisis had BMW het idee opgevat dat sportieve auto’s minder in trek waren. Het hogere gewicht werd veroorzaakt door de verbeterde veiligheid, met onder meer standaard driepuntsgordels. In de loop der jaren raakte de oliecrisis weer wat op de achtergrond, maar de vraag naar sportievere versies van de 3 Serie bleef. In 1977, twee jaar na de introductie van de E21, kwam BMW met een antwoord op die vraag. De kleinste BMW werd uitgerust met zescilinders. De 320 en de 323i moesten de klanten die een sportieve auto wilden hebben tevredenstellen. Dat lukte goed, met name bij de 323i. De dubbele koplampen en de typeaanduiding in de grille maakten dat andere weggebruikers al in hun achteruitkijkspiegel zagen dat er iets bijzonders aankwam. De befaamde cockpit van BMW (het naar de bestuurder gebogen dashboard, voor het eerst toegepast in de E21) hielp natuurlijk ook al mee. Bestuurders van langzamere auto’s konden zien dat ze door een 323i gepasseerd waren door twee uitlaten, één links en één rechts.
Gewild object voor tuners
Daarnaast was de 3 Serie een gewild object voor tuners. Of het nou om een 315 ging of om een 323i, de eigenaren verfraaiden hun auto vaak met allerhande seventies-tuning. Een bumperspoiler aan de voorkant, een zwarte kofferbakspoiler, lichtmetalen wielen, een sportieve pookknop of een opvallende striping op de flanken. Dat geldt echter niet voor het exemplaar dat we vandaag bij ons hebben. Dat exemplaar mist eigenlijk twee essentiële accessoires, namelijk het originele BMW-sportstuur en 15 inch Alpina-velgen. De eerste eigenaar heeft sowieso de (toen al lange) optielijst van BMW links laten liggen. Naast metallic lak zijn er namelijk geen extra’s aanwezig. Wel heeft de huidige eigenaar, Marco Hof, de auto voorzien van een koplampwisser, breedstralers en een originele Bavaria-radio. Ook is de auto voorzien van 13 inch lichtmetaal. Van alle kleuren die leverbaar zijn op een E21, koos de eerste eigenaar voor Kastanienrot-metallic. De kans is groot dat hij even bezig was om die kleur uit te zoeken. Voor het modeljaar 1981 had hij namelijk de keus uit 18 verschillende kleuren, waaronder Hennarot, Safaribeige, Kaschmir-metallic, Brasilbraun-metallic en Opalgrun-metallic. Die 18 kleuren waren leverbaar sinds de facelift van september 1979. Voor die facelift was de 3 Serie ook leverbaar in 18 kleuren, die echter voor een groot deel anders waren dan de leverbare kleuren na de facelift. Als je vandaag de dag een E21 3 Serie tegenkomt, kan die auto dus alle kleuren van de regenboog hebben; in totaal leverde BMW meer dan 30 kleuren. Fotograaf Luuk van Kaathoven kan zich in ieder geval goed vinden in de keus van de eerste eigenaar. De kleur is in ieder geval fotogeniek. Afhankelijk van de lichtval lijkt Kastanienrot nu eens oranje, dan weer bruin en soms ook nog wel rood.
'Deze auto praat tegen je'
Als we wegrijden in Castricum, vertelt Marco over de koude start van de 323i. ‘Deze auto praat ’s ochtends tegen je, en ik praat met liefde terug,’ aldus Marco. Hij kan het weten, want hij heeft de 323i geruime tijd zelf bereden. De eerste meters is het even wennen. Wie vaker in een BMW gereden heeft, zal zich redelijk snel thuisvoelen in de 323i. Toch is het even zoeken naar de bediening van de verlichting bijvoorbeeld. Een trekschakelaar kom je vandaag de dag niet zo vaak meer tegen. De verwarring ontstaat echter omdat er twee trekschakelaars naast elkaar zitten, waarvan er een voor de mistlichten blijkt te zijn. Ook fotograaf Van Kaathoven moet even wennen aan de 323i. Bij de eerste tankstop komt hij pas minuten later uit de auto. ‘Het duurde even voor ik de deur open had.’ Tegen de tijd dat de motor warm is, praat de zes-in-lijn niet meer tegen je. Het gaat dan over in zingen. En dat zingen is nogal uitnodigend, waardoor de auto ondanks het sportonderstel over de weg danst. Hij praat, hij zingt, hij danst: dit is de 323i. De auto die ik al een jaar of 30 mooi vind, blijkt precies te zijn wat ik altijd verwacht heb.
Opgestoken duimen
De 323i valt op in het verkeer, positief en negatief. Je komt opgestoken duimen tegen, maar als we tijdens de fotosessie een paar keer dezelfde weg rijden, kijkt een man met een hond ons ook alle keren misprijzend en met open mond na. De staat waarin deze 323i verkeert, is iets anders dan we van Marco Hof gewend zijn. De auto’s die hij verkoopt zijn doorgaans in uitstekende staat, waarbij het woord ‘fabrieksnieuw’ met een zekere regelmaat op het puntje van je tong ligt. Dat geldt niet voor de 323i, die toch wel enkele aandachtspuntjes heeft. Die zijn vooral van uiterlijke aard, want technisch is deze E21 er prima aan toe. De volledige onderhoudshistorie is bekend, onlangs is een koprevisie uitgevoerd en de APK is nog geldig tot februari 2011. Om de auto ook uiterlijk weer perfect te maken, moeten enkele kleine krasjes en deukjes van de afgelopen 29 jaar even worden aangepakt. Ook zijn er een paar beginnende roestplekjes. Niks ernstigs – en de prijs is er ook naar. Over het algemeen is de kastanjerode 323i in een goede staat. Op het eerste gezicht zou je hem zijn 29 jaar en 169.000 kilometer niet geven.
Prestaties waren indrukwekkend
De prestaties van de 323i waren destijds indrukwekkend. BMW introduceerde de auto in 1977. Toen was men nog onder de indruk van 143 pk en een acceleratie van 0 tot 100 in 9,5 seconden. Tegenwoordig haalt de gemiddelde Astra of Golf dat ook, maar het rijden met de snelste 3 Serie blijft leuk. Wel zou het voor de rust in het interieur misschien verstandig zijn om een exemplaar met de optionele 5-bak te zoeken. Standaard voorzag BMW het topmodel van de 3 Serie namelijk van vier versnellingen. Overigens is ook met vier versnellingen goed te leven. De zescilinder is altijd bij de les. Het vermogen is steeds voorhanden. Het maximale vermogen wordt weliswaar pas bij 5800 toeren geleverd, maar de motor klimt met enthousiasme naar dat toerental toe. Het remmen vraagt wel enige aandacht. Hoewel het topmodel als enige van schijven rondom en geventileerde schijven vóór was voorzien, vraagt het pedaal wat meer kracht dan je gewend bent en is de vertraging ook niet direct indrukwekkend. Toch went het snel en doet het geen afbreuk aan het rijden met deze auto. Hoewel de 323i inmiddels te koop staat, gunnen we Hof van harte dat dit exemplaar nog lang onverkocht zal blijven, zodat hij nog tot in lengte van dagen van de auto kan genieten. Want genieten, dat doe je met een 323i.