Circuittest Saker RapX

Aantal bezoekers vandaag: 6539

Back to basics

31-1 - 14:45

Gewicht? Minder dan 800 kilo. Ronderecord op Zandvoort? 1.46. Productie? In Nederland. Dat klinkt als een auto die we móeten testen - en dat deden we. We reden met de Saker RapX op Zandvoort.

Liever (eerst) een filmpje? Video van de Saker RapX op Zandvoort.

Vorig jaar, Assen. Luuk van Kaathoven, een van onze fotografen, was op het circuit en betrapte daar de Saker RapX. De Sakers waren al enige tijd op de markt, maar dit type zag er anders uit. Het Nederlandse merk, gevestigd in Etten-Leur, reageerde sportief. Diezelfde fotograaf kreeg namelijk de opdracht om de eerste officiële foto’s van de nieuwe RapX en de open variant, de Sniper, te maken.

Nu, een jaar later, kunnen we met de RapX op pad. Op het circuit, want een kenteken hebben de Nederlandse racers niet. Het is een graad of drie boven nul als we op Zandvoort arriveren. Vlak aan zee is de wind echter zo snijdend dat het voelt of de rayonhoofden elk moment bijeengeroepen kunnen worden voor de eerste Elfstedentocht sinds jaren. Met verkleumde vingers kost het even wat tijd om de zespuntsgordels vast te krijgen, ook al omdat het in de Saker nogal krap is.
Ik heb een helm op, dus het typerende geluid van de (van Subaru afkomstige) boxermotor gaat nog even aan me voorbij. Als ik zit gaan de deuren dicht en rijden we de pitstraat uit. Het circuit is bijna leeg, dus dat geeft de gelegenheid om even rustig aan de Saker te wennen. Geen overbodige luxe, want dit is behoorlijk wat anders dan een straatauto. Van de directe besturing tot de zware koppeling, alles binnenin de Saker vraagt gewenning. Waar je echter het meest aan moet wennen is je zitpositie, zeker in deze testauto. Als je een Saker koopt, kan de zitpositie enigszins op de eigenaar worden afgestemd. Dat is bij deze testauto uiteraard niet het geval en om in de auto te passen, moeten we wat onderuitgezakt in het stoeltje plaatsnemen. En dat terwijl de normale zitpositie misschien al niet bepaald rechtop is. In een normale auto waarmee je het circuit op gaat, zet je de rugleuning van je stoel juist extra steil omdat je op die manier de beste controle hebt. In deze speciaal voor het circuit gemaakte auto is dat dus niet mogelijk. Logisch ook, want daarmee kan de auto extra laag worden gehouden: de hoogte is niet meer dan 94 centimeter.

Groep C

Het uiterlijk van de Saker heeft wat weg van de Groep C-auto’s van weleer, en dat is geen toeval. Saker heeft geprobeerd om een auto te bouwen met de look & feel van een echte raceauto. Dat is behoorlijk goed gelukt, want hoewel de prijs voor een Saker relatief bescheiden is (net geen 50.000 euro ex. BTW) heb je wel ontzag voor de RapX. In de eerste ronden moet je nog zo wennen aan de zitpositie, de besturing en de koppeling dat je lang niet voluit over de baan gaat. Ook al omdat de Saker niet voorzien is van tractiecontrole of andere moderne hulpmiddelen; dit is racen in een pure vorm. Daar houden we van, maar op deze koude wintermorgen is het ook een beetje tricky - ook al omdat de baan vochtig is door de regen die ‘s nachts en in de vroege ochtend gevallen is.

Na enkele ronden wordt het daarom tijd om er iemand bij te halen die dit kunstje beter beheerst: coureur Laurens de Wit. Met bijna tien jaar race-ervaring (hij haalde zijn licentie toen hij 15 was) moet Laurens beter met de RapX overweg kunnen, is de verwachting.
Eerst laat Saker-directeur Herbert Boender nog een rondje zien waar de Saker toe in staat is. Daaraan is al te zien dat de Saker een redelijk goedmoedige auto is, want als de RapX behoorlijk dwars door de Hugenholtzbocht gaat, laat hij zich ook weer gemakkelijk corrigeren. Toch vinden we de rondjes van Herbert iets minder interessant; natúúrlijk vindt hij de Saker goed. Het is tijd om te zien wat Laurens presteert in de RapX.

Licht ongeloof

Laurens stapt een stuk soepeler in de krappe Saker dan ik. Ik houd het er maar op dat dat door zijn ervaring met Formule Fords komt. Soepel rijdt hij weg, telkens maar voor een rondje, zodat de camera’s op de auto verplaatst kunnen worden. Als Laurens de kans krijgt om even een paar rondes achter elkaar te rijden, staren de Saker-monteurs met licht ongeloof naar de monitor. Hoewel de baan nog vochtig is en de banden gebruikt, duiken de rondetijden steeds verder onder de twee minuten. Uiteindelijk is de snelste tijd van de dag 1:52.3.
Het ronderecord met een Saker staat op naam van Jeroen Bleekemolen, die met nieuwe banden en onder ideale omstandigheden 1:46.1 op de klok wist te krijgen. Het grote pluspunt van de Saker is echter niet dat een professionele coureur onder ideale omstandigheden er een toptijd mee neer weet te zetten, maar dat iedereen met een beetje ervaring er al snel hard mee kan gaan. Laurens: ‘Dit is heel gaaf speelgoed, het gaat ontzettend hard, maar eigenlijk is hij heel erg makkelijk bestuurbaar. Met een beetje ervaring kun je al snel onder de twee minuten duiken.’

Achtbaan

Als je eenmaal aan de Saker gewend bent, ga je oog krijgen voor zijn grootste sensatie. Door de downforce en het lage gewicht heb je namelijk een ongelooflijke bochtensnelheid. Laurens: ‘In dat opzicht is de Saker met weinig andere auto’s te vergelijken. Straatauto’s die voor het circuit zijn omgebouwd zijn vaak zwaarder, hebben minder downforce en een hoger zwaartepunt. Wat dat betreft kun je de Saker beter vergelijken met een Formule Ford.’
Als je geen ervaring hebt met Formule Fords komt een achtbaan misschien het dichtst bij het gevoel, zeker op het stuk van de Tarzanbocht tot het Scheivlak. Dat is het mooiste stuk van het circuit, met fraaie bochten en hoogteverschillen. Als je daar met een normale auto rijdt merk je dat hij overhelt en je voelt waar hij in zijn veren wordt gedrukt. In de Saker voel je dat allemaal niet, die kleeft aan het asfalt als het achtbaankarretje aan de rails.

Hoewel de Saker eruitziet en aanvoelt als een raceauto, is de techniek eigenlijk vrij eenvoudig. De motor komt van Subaru, maar is door Saker opnieuw opgebouwd. Door andere drijfstangen, lagers en zuigers te monteren is de motor beter bestand tegen circuitgebruik. Bij het instappen valt het motorgeluid nog niet zo op, maar tijdens het rijden des te meer. Het typerende geluid van de Subaru-boxer ken je misschien wel, maar in een Subaru klinkt het bescheiden, vanaf een plek ver weg. In de Saker zit de motor vlak achter je. Als je onze video bekijkt met een koptelefoon op en het volume op maximaal zet, krijg je een idee van het geluid aan boord van de Saker.

Waar gebruik je ‘m voor?

De vraag is wel hoe vaak je die sensatie mee zult maken. Er zijn wel eens Sakers van een kenteken voorzien, maar in principe is het een auto die puur voor het circuit is gemaakt. Je kunt er in verschillende raceklassen mee terecht. Het meest voor de hand liggend is daarbij natuurlijk de Saker Sportscar Challenge, een klasse waarin alleen met Sakers gereden wordt. Ook in de Dutch Supercar Challenge kun je terecht, en onlangs reed er zelfs een Saker in de 24 uur van Dubai (al was dat geen succes).
Wie niet zo’n drukke raceagenda wil hebben, kan natuurlijk ook trackdays bezoeken met zijn Saker. Ideaal is dat echter niet, tenzij je een monteur met autosportervaring meeneemt die de auto ter plekke kan afstellen. Zelf na ieder rondje uit de Saker klimmen om wat afstellingen aan te passen is in ieder geval niet erg praktisch.

En die andere raceauto waar we onlangs mee reden? Bijna gelijktijdig met de Saker reden we ook met een Zilhouette. De auto’s zijn eigenlijk niet te vergelijken, want de Saker is bijna 50 procent duurder. Daarvoor krijg je meer vermogen, een snellere auto en meer verfijning. De Zilhouette is wilder, je ziet het asfalt onder je door schieten. De Saker stelt daar nog meer het gevoel tegenover dat je in een raceauto zit, maar heeft ook een mooiere balans, waarschijnlijk omdat het zwaartepunt nog lager ligt.

Als je een halve ton bij elkaar kunt sprokkelen voor een circuitspeeltje is de Saker een uitstekende keus. Een echte back-to-basics-racer, waarbij het aankomt op jouw capaciteiten als coureur. De auto doet het werk niet voor je, dat moet je zelf doen. Ieder punt waar je je als rijder weet te verbeteren, zorgt voor een betere rondetijd. Ook veranderingen in de afstelling vind je direct terug op de laptimer. Dat maakt de Saker dan ook zo leuk om mee te rijden. Hoewel, leuk? Dat is misschien een understatement. Het is fantastisch om ermee te rijden!


Saker RapX
Techniek: viercilinder boxermotor (Subaru) met turbo, 1.994 cm3, 270 pk/6.000 tpm, 350 Nm/4.000 tpm
Chassis: stalen buizenframe
Prestaties: ronderecord Zandvoort 1:46.1 (Jeroen Bleekemolen)
Prijs: € 49.950 ex. BTW





Auteur: Perry Snijders  Fotografie: Thijs van Wijk
0

Reacties (0) van bezoekers

Uw reactie:
Naam:
Email:
Bericht: