Aantal bezoekers vandaag: 2805
Behalve de Grand Prix werd er dit weekend nog meer geracet op Monaco. Sergio Pérez en Jérôme D'Ambrosio wonnen de GP2-races, terwijl Red Bull ook zegevierde in de race voor de World Series by Renault: de Red Bull-testcoureur Daniel Ricciardo domineerde daar het hele weekend. Verder in dit autosportweekend: Superleague op Assen en NASCAR in Dover. Dover, Delaware, wel te verstaan.Het voorprogramma in Monaco is altijd van hoge kwaliteit. Niet alleen krijgen GP2 en de Porsche Supercup in het prinsdom hun vaste stek in het
GP-weekend, ook de World Series by Renault mag één race houden op het fameuze stratencircuit. Het werd een demonstratie van de klasse van Daniel Ricciardo (zie foto). De Australiër die in 2009 het Brits F3-kampioenschap veroverde (als debutant), is aan een meteoritische carrière bezig. Bij menigeen staat hij met gemak in het top-vijf-lijstje van talenten 'most likely to reach F1' in 2012. Met zijn dominantie hielp de door Red Bull gesteunde junior, die al een van de officiële reservecoureurs is van het F1-team, aan nog meer champagne dat met het energiedrankje kan worden gemixt. Teamgenoot en mede-F1-tester Brendon Hartley was intussen de publieksfavoriet van de race met diverse indrukwekkende inhaalacties. De Nieuw-Zeelander maakte daarmee zijn fout in de kwalificatie meer dan goed.
In de GP2 wonnen opnieuw twee net-niet-favorieten, de Mexicaan Sergio Pérez (teamgenoot van Giedo van der Garde) en de Belg Jérôme D'Ambrosio van het Renault Junior-team (zie foto). Daardoor blijft het GP2-seizoen met verrassingen komen. Van der Garde werd zesde in de eerste race, na een van de weinige geslaagde inhaalacties op Monaco. Zijn slachtoffer was D'Ambrosio, maar de Belg had daardoor het voordeel in de tweede race, waarin de eerste acht van race één in omgekeerde volgorde op de grid verschijnen. Giedo eindigde wel netjes tweede in die race. Titelfavoriet Bianchi werd derde. De Porsche Supercup-race ging wederom naar René Rast, die door het vertrek van Jeroen Bleekemolen naar de ALMS het rijk voor zich alleen lijkt te hebben.
Het circuit van Assen stond dit weekend in het teken van de Superleague Formula, met de
Dutch Supercar Challenge in het voorprogramma. De organisatie had waarschijnlijk gehoopt op net zo'n stormloop op de kaarten als in de beste Champ Car-tijden, toen Robert Doornbos eveneens de publiekstrekker was. Zo vol als destijds was het echter niet op het TT-circuit. De prijzige tickets waren wellicht toch iets te veel gevraagd voor wat in essentie nog altijd een redelijk obscure monopostoklasse is, volgens een merkwaardige marketingformule. Davide Rigon won twee keer voor Anderlecht, de Nederlandse Nieuw-Zeelander Chris van der Drift schreef voor Olympiakos ook een race op zijn naam. Robert Doornbos en Yelmer Buurman speelden geen rol van betekenis, hoewel de laatste nog wel derde wist te worden in de finale.
Omdat bijna iedere sportwagencoureur van naam - en ook diverse toerwagencoureurs - dit weekend op de
Nürburgring was te vinden, stonden er weinig GT- en toerwagenraces op het programma. De NASCAR-jongens reden dit weekend wel weer, op de korte oval van Dover deze keer, in NASCAR-kringen bekend als de Monster Mile. De jonge en talentvolle Toyota-coureur Kyle Busch, die ooit werd genoemd als kandidaat voor de F1-teams van Toyota en USF1, won voor de tweede keer dit jaar. Juan Montoya vervolgde zijn teleurstellende seizoen door opnieuw uit te vallen.