Aantal bezoekers vandaag: 6930

Ooit was er fabuleuze autosport in de VS

20-6 - 13:20

Vroeger was alles beter. Dat geldt zeker voor de Amerikaanse autosport, want de Trans Am raceserie bestaat niet meer en dat was enkele decennia terug dé Amerikaanse raceserie, waar de rest van de wereld ook van hield. Driving-fun.com blikt terug op die tijd aan de hand van een collectie oude foto's die ze vond bij de mensen die de Trans-Am voort laten leven vandaag de dag. Hemi-motoren in Barracuda's, Mustangs, brullende Camaro's en schreeuwende GTA's, Amerikaanse GTO's, Jaguar XJ-S V12, de Porsche 934, ze waren er allemaal bij. Toch draaide dit feestje vooral om de Amerikaanse musle car.

Amerikanen zijn rechtuitbranders. Dat is een onvoldongen feit, vanuit de optiek van de gemiddelde (Europese) autosportliefhebber. Toch gaan de harten van de meeste échte liefhebbers sneller kloppen bij het zien van een heuze muscle car. Ook op het circuit. Juist daar staat het publiek op de banken, gieren de met adrenaline gevulde kreten door de speakers als de vette Yanken al driftend en glijdend vechten om positie. Op dat soort momenten twijfelen wij aan het feit dat Amerikanen rechtuitbranders zijn, want dankzij hun onverwoestbare drang naar old school pk’s en visie (=doe-alles-maar-oversized-dan-zal-het-wel-goed-gaan) weten Amerikanen autosport vaak erg leuk te maken.

Denk aan Pikes Peak, aan de 24 uur van Daytona en de enorme driftscene die allemaal niets te maken hebben met rechtuitbranden. Integendeel, dat gaat veel verder dan lomp gas geven en zien wie de snelste is. Stuurmanskunst in combinatie met Amerikaans pk-geweld levert nu eenmaal een mooi schouwspel op. Vroeger gebeurde dat met name in de Trans-Am racerij.  

Tegenwoordig zijn we weer gewend aan Amerikaanse auto’s die er echt toe doen in de autosport. De Mustangs van Racing Team Holland doen lekker mee in de GT4. De Vipers op Le Mans bulderen over Mulsanne Straight op angstaanjagende wijze, waardoor je ’s nachts in je tentje eerder nachtmerries krijgt, dan dat je lekker even kunt slapen. In de jaren ’70 was ‘onze’ Rob Slotemaker oppermachtig met zijn Camaro. Niet alleen vanwege het vermogen om op de rechte stukken sneller te rijden dan zijn tegenstanders, maar Rob’s ging dwars door alle bochten, zodat zijn grote Muscle Car iedereen achter zich hield. Ze konden er simpelweg niet voorbij.

Out of this world

Hans Deen racete enkele jaren met zijn Corvette. Een machtig apparaat en alleen dat was al reden voor het publiek om naar Zandvoort te komen. Alsof je in eigen land een Space Shuttle kon zien opstijgen, het was ‘out of this world’. In die tijd waren er enkele dames actief in de autosport, niet onverdienstelijk, zoals Henny Hemmes die ook lange tijd met de Camaro reed.

Dale Earnhardt was erg populair in Europa, met dank aan zijn rijstijl en de voor hem zo typerende zwarte Chevy met het legendarische startnummer 3 en zijn onafscheidelijke zonnebril. Nascar leefde mede dankzij hem op aan deze kant van de grote plas. Toch keken we ook stiekem naar andere vormen van autosport. Indycars, dragracing en de Trans-Am racerij, waarbij de laatste vorm ons als ‘bochtenridders’ het meeste aansprak. Trans-Am racing doet ons Nederlanders altijd denken aan ‘Sloot’, Deen en Henny Hemmes. Toch waren het vooral de Amerikaanse coureurs zelf die duelleerden met Europese topcoureurs en hebben wij Nederlanders niet die successen beleefd in het Trans Am kampioenschap als we misschien hadden gehoopt. Niet dat we als chauvinisten in die tijd qua succes in de autosport iets te kort kwamen trouwens.

5 liter V8

Het Trans-Am kampioenschap startte in 1966, met zowel een klasse voor Europese auto’s tot 2000 cc en (Amerikaanse) auto’s tot 5 liter. Dat eerste jaar werd gewonnen door een Alfa Romeo GTA, maar de jaren erna domineerden de muscle cars deze competitie. In de loop der jaren gingen de Europeanen ook serieus vechten voor het kampioenschap met Audi’s, Jaguars, Porsches en vanaf het jaar 2000 zie je eigenlijk alleen nog Europese auto’s winnen en bloedt de Trans-Am serie dood, want Amerikanen kijken niet naar dominante Europese winnaars in hun eigen competitie en Europeanen kijken sowieso niet naar Amerikaanse autosport.

Mustang, Camaro en Javelin

De mooiste periode lag echter in de jaren ’60 en  ’70, toen de oliecrisis nog niet zijn impact had op de auto-industrie en racerij. Het was stuivertje wisselen voor auto’s zoals de Ford Mustang, Chevy Camaro en AMC Javelin. Eind jaren ’70, toen Jaguar en Porsche de Amerikanen hadden afgetroefd in hun klassen en het algemene kampioenschap, toen kwam Chevrolet met de Corvette terug. En hoe!? Ook andere auto's, zoals de Falcon, de Cougars en Firebirds vulden de gigantische deelnemersvelden. Reed je in die tijd niet meer in de Trans Am, dan zat je waarschijnlijk in de top van de Grand Prix racerij, of was je nog een amateur. Alle anderen waren hier aanwezig, zo leek het. Vic Elford, Jim Hall, Richard Petty, Mark Donohue, Dan Gurney, Parnelli Jones en vele vele anderen streden om de titel.

Hevige strijd

De strijd was altijd intens en heftig, door de grote startvelden en de auto’s die hun vermogen amper op het asfalt konden overbrengen. De samenstelling van het rubber was in die tijd niet te vergelijken met de kwaliteit van slicks en semi-slicks waarmee men heden ten dagen ten strijde trekt. Daarom zag je toen meer dan nu, dat de auto’s echt mooi dwars de bochten door kwamen. Ga eens kijken bij een oldtimer race met Cobra’s, Mustangs en andere Yank’s die lekker driftend aan het racen zijn. In de dagen van de Trans-Am zag je niet anders. Spektakel gegarandeerd.

Niet te verwarren met ovals

De circuits, niet verwarren met ovals, trokken altijd veel publiek en diverse topcoureurs verkozen deze serie als opstapje naar de autosport. Sommigen zagen het ook als een goed tussenstation na een periode van professioneel racen op het hoogste niveau om via Trans-Am racerij af te taaien naar de historische autosport, dat in die tijd nog in de kinderschoenen stond, maar waar je als gepensioneerde racer nog wel wat extra zakgeld kon gaan verdienen (Stirling Moss heeft daar als eerste zijn 2e carrière van gemaakt).


Het is daarom wel goed te vergelijken met de huidige GT4 klasse waar teams bestaan uit professionele en ‘amateur’ racers. Je ziet nu de prinsen van Oranje vechten om hun plaats voorin het veld met dank aan de Mustangs. De prinsen van Oranje zullen als coureur nooit de status krijgen als Slotemaker, maar ze kunnen wel als geen ander proeven hoe het moet zijn geweest om met een Mustang op het scherp van de snede te vechten met topcoureurs om je heen.

Fabuleuze autosport

Parnelli Jones noemt de Trans-Am series de beste road-racing serie die er ooit in Amerika is geweest. Ze raceten met de beste coureurs, in de meest spectaculaire auto’s op de mooiste circuits die er toen voorhanden waren. Dan Gurney is het daar volledig mee eens en benadrukt dat deze fabuleuze vorm van autosport mede te danken was aan het feit dat alle fabrikanten hun volledige medewerking verleenden. Dat was niet zonder reden, want in tegenstelling tot vandaag de dag, konden de fans zich volledig herkennen in de auto’s die er rondreden. Dus commercieel gezien sneed het mes aan twee kanten.

De circuits zaten vol en de fabrikanten verkochten hierdoor extra auto’s, waardoor de coureurs flinke sommen geld kregen voor hun taak, evenals de teambazen en andere betrokkenen. Het was een geweldige tijd. Als rijder moest je alles uit de kast halen om te kunnen winnen, want de auto’s waren allemaal snel, ze gingen amper stuk en dus moest je je blijven concentreren op de overwinning. Keer op keer. Die strijd was vervolgens weer goed zichtbaar voor het publiek.

De V8 motoren waren zo licht mogelijk gebouwd en achter de vooras geplaatst. Toch voelde je als coureur een flink verschil met bijvoorbeeld een Lotus Elan of Porsche 911. Om echt snel te kunnen rijden met deze Trans-Am's, moesten de rijders voortdurend trailbraken, oftewel remmend de bocht insturen. De relatief zware neuzen van de auto’s konden ze op die manier zonder onderstuur insturen, omdat de neus van de auto dankzij het remmen meer grip krijgt. Het ‘nadeel’ was dat de auto’s, door gebrek aan zijwaartse grip bij deze bochtensnelheden, heel snel in overstuur doorschoten, want de achterwielen verliezen juist wat grip dankzij het trailbraken. Dus op het moment dat je instuurde, kon je al vrijwel direct tegensturen en met het gaspedaal de auto de rest van de bocht doorsturen. Spectaculairder werd het niet als er dus twee, drie of zelfs vier muscle cars zijwaarts door een bocht gleden. Het V8 gebrul deed de rest.

Trans Am leeft voort als historische klasse

Dit had niets, maar dan ook helemaal niets, met rechtuitbranden te maken en daarom hebben enkele coureurs, teambazen en organisatoren van destijds een paar jaar terug een historische klasse opgezet: Historic Trans-Am. Ook dit jaar zijn er vier races en het oogt nog steeds spectaculair. De rijders zijn iets ouder, de auto’s ook en de fabrikanten sponsoren niet meer, maar dat mag de pret allemaal niet drukken voor het publiek dat nog altijd bestaat uit jong en oud. Gaver dan de Trans-Am racerij zal het in Amerika nooit worden.


Foto's: Historictransam.com






Auteur: Dennis Drenthe  Fotografie: Driving-fun.com team
3

Reacties (3) van bezoekers

fordman
24-6-2010 17:28
Leuk stukje Dennis.
Onze club is hier sinds kort actief mee bezig.
kijk maar eens op ons forum.
http://www.forum.mikes-amp.nl/
Rico
21-6-2010 0:19
Mooi artikel!
Mattijs
20-6-2010 23:33
Ah, da's echt nostalgie, Dennis. Trans-Am is helaas ter ziele - of misschien ook niet helaas, want het was in zijn nadagen zielloos geworden. Autosport in de VS = NASCAR, tegenwoordig... De tijd van de Audi 200 quattro van eind jaren tachtig, met Röhrl, Stuck en Haywood, was ook geweldig.
Uw reactie:
Naam:
Email:
Bericht: